Infosessies "inspiratiemoment Europa"

Na veel armgeworstel tussen de verschillende lidstaten van de Europese Unie werd het Multiannual Financial Framework 2021-2027 op 10 december 2020 eindelijk goedgekeurd. Voor de sportsector, die voornamelijk naar het Erasmus+ programma kijkt, betekent dit alvast een window of opportunity die zich opent. Niet enkel is het budget van Erasmus+ zelf verhoogd, de verdeling binnen Erasmus+ is veranderd ten gunste van sport (van 1,38% naar 1,9%). Dit komt neer op een totaalbudget van €53 miljoen voor het sportluik van het Erasmus+ programma. Dit zal onder andere de mogelijkheid bieden om leermobiliteit op Europees niveau in de sportsector te implementeren (vermoedelijk vanaf 2023).

 

Ook in 2021 zullen er specifieke projectoproepen zijn waarop Vlaamse sportorganisaties kunnen intekenen. 

Infosessies op 1 en 2 maart

Op 1 en 2 maart 2021 organiseerden Sport Vlaanderen en EU Sport Link naar jaarlijkse gewoonte een infosessie om de brede sportsector te informeren over de EU subsidiemogelijkheden. Tijdens deze infosessies kwamen ook enkele  “good practices” aan bod met dank aan Stad Gent, Volley Vlaanderen, ENGSO en ISCA.

Heb je dit moment gemist? Neem contact op met simon.plasschaert@sport.vlaanderen om de meest recente informatie te ontvangen.

Een terugblik

Sinds het verdrag van Lissabon (2009) heeft sport een Europese dimensie gekregen. Dit laat toe dat de EU sportprojecten financieel kan ondersteunen via een subsidiëringsprogramma. De budgetten voor dergelijke Europese subsidiëringsprogramma’s (zoals Erasmus+, Interreg, Cohesiefondsen, Structuurfondsen, …) worden echter vastgelegd voor een cyclus van 7 jaar. De goedkeuring van het verdrag van Lissabon kwam midden in zo’n cyclus waardoor sport in 2009 nog niet kon opgenomen worden in een subsidiëringsprogramma. In afwachting van een nieuwe subsidiecyclus werden sportprojecten ondersteund via zogenaamde ‘preparatory actions’. In totaal gebeurde dit voor een bedrag van € 36 miljoen tussen 2009 en 2013.

In 2014 startte een nieuwe subsidiëringscyclus van 7 jaar en werd sport hierin voor het eerst opgenomen in het ‘Erasmus+’ programma. Dit subsidiëringsprogramma loopt af in 2020 en vanaf 1 januari 2021 zal een nieuw Erasmus+ programma gelanceerd worden waarin er opnieuw ruimte is voor sport.

(Ook andere programma’s zoals interreg of cohesiefondsen kunnen occasioneel sportprojecten ondersteunen, deze worden hier echter verder niet behandeld).

Toekomstige subsidie-oproepen

In de loop van mei 2021 zullen de projectoproepen voor collaborative partnerships, small collaborative partnerships en not for profit European Sport events gepubliceerd worden. 

In april 2021 zullen de projectoproepen voor ‘pilot projects’ gelanceerd worden met indieningsdeadline augustus 2021.

In mei 2021 zullen projecten zich kunnen aanmelden voor BeActive en BeInclusive EU Sport awards.

In mei 2021 zullen sportorganisaties een dossier kunnen indienen voor de ‘EWoS clubinitiatieven’ (Europese week van de sport).

Inhoud subsidieprogramma's

Erasmus+ programma 2014-2020

De Europese Commissie, met name het EACEA (Education Audiovisual and Culture Executive Agency) staat in voor de projectoproepen, beoordeling en toewijzing van budgetten binnen Erasmus+ Sport. Dit is een ‘centrale aansturing’ vanuit de EU en heeft als gevolg dat Vlaanderen je wel kan begeleiden maar geen rol heeft in de finale beoordeling of toekenning van subsidies aan jouw project. Dit heeft ook als gevolg dat Vlaamse projectaanvragen ‘in concurrentie treden’ met aanvragen uit de 27 EU-lidstaten.

Gedurende deze periode van 7 jaar werd er een totaalbudget van € 238,8 miljoen gereserveerd voor sport. Dit is slechts 1,38% van het totale budget van het Erasmus+ programma, het overige budget wordt gereserveerd voor projecten binnen onderwijs en jeugd.

Van deze € 238,8 miljoen wordt jaarlijks een bepaald deel beschikbaar gesteld voor projectaanvragen. Aangezien dit het eerste programma is waarin Sport werd opgenomen zien we een sterke evolutie in de modaliteiten waaronder projecten kunnen ingediend worden. Men is als het ware op zoek gegaan naar het juiste kanaal om de sportsector te bereiken. Een constante bij deze modaliteiten is dat het budget, de evaluatie, toekenning en rapportering steeds in handen is van het EACEA. De indieningsmodaliteiten zijn:

Collaborative partnerships: hierbij gaat de indienende organisatie op zoek naar minstens 5 partners (= organisaties uit een andere EU lidstaat), het project heeft een duurtijd tussen 1 en 3 jaar en het maximum aan te vragen bedrag is €400.000. Jaarlijks wordt de projectoproep opengesteld in oktober met indieningsdeadline in april.

Small collaborative partnerships: hierbij gaat de indienende organisatie op zoek naar minstens 3 partners waarvan minstens 1 lokale/regionale club. Het project heeft een duurtijd tussen 1 en 3 jaar en het maximum aan te vragen bedrag is €60.000. Jaarlijks wordt de projectoproep opengesteld in oktober met indieningsdeadline in april.

Not for profit European Sport events: deze ondersteuningsvorm is er voor sportevenementen die geen deel uitmaken van reguliere competitie en deelnemers uit minstens 12 landen samenbrengt. Het max. aan te vragen budget bedraagt €500.000 per project. Jaarlijks wordt de projectoproep opengesteld in oktober met indieningsdeadline in april.

Proefprojecten: Deze projectoproepen focussen rond specifieke thema’s en worden gepubliceerd in april met indieningsdeadline in augustus. De maximale budgetten en duurtijd van de projecten hangt af van oproep tot oproep.

Awards: In tegenstelling tot bovenstaande dien je hier geen projectaanvraag in maar kan je als organisatie een specifiek project dat je reeds uitvoert als ‘good practice’ indienen en daarvoor financieel beloond worden.

Erasmus+ Programma 2021-2027

De details van dit programma moeten nog worden vastgelegd. Enkele tendensen zijn wel reeds zichtbaar, namelijk een substantiële stijging van het budget (zowel het totaalbudget van Erasmus+ als het aandeel dat aan sport zal worden toegekend). In de loop van dit programma is de kans meer dan waarschijnlijk dat er een gedeelte van de sportbudgetten ‘gedecentraliseerd’ zal worden. Dit houdt in dat België een vastgelegd bedrag onder eigen beheer zal krijgen, dit zal toegekend worden aan de drie gemeenschappen bevoegd voor sport. Concreet houdt dit in dat voor bepaalde projecttypes men een aanvraag zal kunnen doen in Vlaanderen en dat er ook op Vlaams niveau een beoordeling en toekenning zal gebeuren. Vermoedelijk gaat deze decentralisering doorgaan voor KA1-projecten (projecten met het doel om leermobiliteiten te verwezenlijken).

Geselecteerde projecten per jaar

2014

Organisaties kunnen projecten indienen onder 2 modaliteiten nl.

2015

Organisaties kunnen projecten indienen onder 3 modaliteiten nl.

2019

Organisaties kunnen projecten indienen onder 5 modaliteiten nl:

2020

Organisaties kunnen projecten indienen onder 5 modaliteiten nl:

Contact

Met vragen over Europa en de Europese subsidiemogelijkheden kan je contact opnemen met onze beleidsmedewerker internationaal sportbeleid