Overzicht compensatiemaatregelen

De financiële impact van deze coronacrisis op sportorganisaties begint meer en meer duidelijk te worden. We staan in nauw contact met verschillende sportorganisaties en krijgen wekelijks updates en verhalen over de impact. De meer dan 20.000 sportclubs en andere sportorganisaties in Vlaanderen staan voor uitdagende tijden.

 

We hebben een tabel opgesteld met de voornaamste compensatiemaatregelen die verschillende instanties op dit moment aanbieden.

 

In de tabel vind je naast basisinformatie (maatregel, referentie, korte inhoud) ook terug op welke rechtsvormen de maatregel van toepassing is en hoe dit naar de sportsector vertaald wordt.

 

Als je gebruik wil maken van één van deze maatregelen, kan je terecht bij de bevoegde instantie die we ook vermelden in dit document. Specifieke informatie over subsidiedossiers vanuit Sport Vlaanderen communiceren we rechtstreeks met de betrokken sportorganisaties.

Sportnoodleningen om clubs door corona te helpen

Sportclubs aangesloten bij een erkende of gesubsidieerde sportfederatie en die beschikken over een rechtspersoonlijkheid zullen vanaf 1 januari 2021 tot € 1 miljoen kunnen lenen aan slechts 1% rente over een looptijd tot 9 jaar. Feitelijke verenigingen komen niet in aanmerking voor deze lening.

 

Vanaf de tweede helft van januari communiceren we dan de praktische info voor het aanvragen van een noodlening:

  • hoe en wanneer clubs een aanvraag moeten indienen
  • hoe een dossier er moet uitzien
  • welke timing we hanteren
  • wat de modaliteiten van de terugbetaling zijn, …  

 

Volgende voorwaarden zijn al gekend: 

  • Het gaat om een noodlening van minstens 50.000 euro tot 1 miljoen euro, aan 1% rente over een looptijd tot 9 jaar.
  • De sportclub moet op basis van een financieel plan aantonen dat ze voor de coronacrisis gezond was, dat de financiële schade aangericht is door de coronacrisis én dat de club de capaciteit heeft om de lening op termijn terug te betalen.
  • Er is geen combinatie mogelijk met andere Vlaamse steunmaatregelen op het moment van afsluiten van de noodlening. De lening mag gecombineerd worden met steun vanuit het Vlaams noodfonds aan de lokale overheden en vanuit de Vlaamse gesubsidieerde sportfederaties en organisaties voor de vréijetijdsbesteding, aangezien dat maatregelen uit werkingsjaar 2020 zijn.

Corona Noodfonds Vlaamse Regering

De Vlaamse Regering maakt 265 miljoen euro middelen vrij om verschillende getroffen sectoren te ondersteunen.

87,3 miljoen euro voor de lokale sport-, cultuur- en jeugdverenigingen

Corona hakt er bij het Vlaamse verenigingsleven stevig in. Daarom trekt de Vlaamse Regering 87,3 miljoen uit voor de lokale sport-, cultuur- en jeugdverenigingen.

 

83,9 miljoen wordt verdeeld door de steden en gemeenten. De lokale overheden kunnen vrij kiezen hoe men de middelen inzet en hoeveel budget naar welke verenigingen gaat, maar de eerste focus ligt bij sportieve verenigingen.

 

3,4 miljoen gaat respectievelijk naar de Vlaamse Gemeenschapscommissie, die de Brusselse Nederlandstalige verenigingen ondersteunt, en naar de vzw De Rand voor de Nederlandstalige verenigingen in de faciliteitengemeenten (voor sport: Kraainem, Linkebeek en Wezembeek-Oppem) naar Brusselse gemeenten via de Vlaamse Gemeenschapscommissie en naar de faciliteitengemeenten via vzw De Rand.

 

Voor concrete vragen, kun je als sportclub bijvoorbeeld je lokale sport- of vrijetijdsdienst contacteren. Lokale overheden vinden meer concrete informatie via de website van het Agentschap Binnenlands Bestuur

10 miljoen euro voor andere sportstructuren

Er wordt daarnaast 10 miljoen euro voorzien voor een aantal sportorganisaties die niet betoelaagd worden via het Gemeentefonds. Concreet gaat het over drie categorieën: gesubsidieerde federaties en OSV’s, organisatoren van sportevenementen en de structurele beleidspartners.

 

Een eerste categorie die aanspraak kan maken op steun zijn de gesubsidieerde sportfederaties en organisaties voor de sportieve vrijetijdsbesteding. Voor deze categorie wordt voorzien in een steunpakket van bijna 6 miljoen euro om zo goed mogelijk te kunnen doorstarten of heropstarten.

 

Daarnaast kan elke organisator van een in 2020 gesubsidieerd topsport-, G-sport- of bovenlokaal sportevenement, dat gepland was vanaf 9 maart 2020, extra steun aanvragen. Organisatoren kunnen naast hun reguliere subsidie, maximaal hun oorspronkelijke subsidie extra ontvangen, als steun voor de geleden schade of voor de heropstart.

 

Tot slot steunt Vlaanderen de structurele beleidspartners, zoals bijvoorbeeld de koepelorganisaties ISB en VSF.

 

Alle betrokken begunstigden kregen het goede nieuws rechtstreeks te horen.