Waarom een sportdiëtist consulteren?

In week 5 van de actie 'Goede voornemens' gingen 3 deelnemers langs bij de sportdiëtiste.

Ontdek hieronder in de verschillende fiches alles over hun profiel, doel en het advies dat ze hebben ontvangen van de sportdiëtist.

 

Overweeg je zelf om een sportdiëtist te consulteren? Lees hieronder wat je moet meenemen naar een consult en wat je kan verwachten van je bezoek.

  • Wat neem je mee op consult bij de sportdiëtist ?
    • Recente bloeduitslagen als die in je bezit zijn.
    • Je huidige training- en wedstrijdenschema.
    • Eventueel een overzicht van je huidige voedingssupplementen en medicatie (als je die gebruikt).
    • Eventueel een overzicht van wat je de laatste week hebt gegeten indien je een heel gevarieerd voedingspatroon hebt.

 

  • Wat mag je verwachten ?
    • Een anamnese (wie ben je, wat doe je, medische voorgeschiedenis, doelstellingen en verwachtingen, hoe train je, wat eet je, …).
    • Antropometrische metingen (lengte, gewicht (buikomtrek bij overgewicht, huidplooimetingen bij een normaal gewicht)).
    • Een voedingsadvies op maat in functie van je doelstellingen (geef aan wat je verwacht dan raak je achteraf niet teleurgesteld).
    • Theoretische uitleg die wetenschappelijk onderbouwd is en praktisch bruikbare adviezen. Indien nodig brengen we je zelfs vaardigheden bij. Wie veel informatie nodig heeft stellen we een begeleidingtraject voor omdat het knap lastig is om veel informatie in een keer te verwerken.
    • Een voeding op maat vraagt gedragsverandering. Dit is een proces dat in fasen verloopt en de nodige tijd en ondersteuning vergt (wanneer we iets weten passen we het daarom nog niet toe). Dit gebeurt met vallen en opstaan vooraleer het een gewoonte wordt. Vaak moet daar ook aan bijgestuurd worden. Als je aangeeft waar je het moeilijk mee hebt, dan wordt daar ook speciale aandacht aanbesteed. Jouw feedback is noodzakelijk om gericht te ondersteunen en effectief te helpen. Omdat we maatwerk leveren zal de ene dit extra mogen en de andere iets anders. Ga dus niet gewoon een advies van iemand anders kopiëren, want als jij er dan ook nog eens jouw aanpassing aan geeft dan is het misschien niet meer zo optimaal voor jou.
    • Als je een teamsport beoefent of intensief begeleidt wordt dan hebben we ook graag contact met je trainer of begeleidingsteam opdat alle neuzen in dezelfde richting staan en jij je maximaal kan concentreren op je sport.

Verslag bezoek sportdiëtist

Een inspanningstest wat is dat en voor wie is dat?

Een inspanningstest kan zowel door een startende, recreatieve als competitieve (incl. topsporter) afgelegd worden. Het helpt je te bepalen of de gekozen sport(discipline) haalbaar is en of er bepaalde aanpassingen nodig zijn of voorzorgen dienen genomen te worden.

De test brengt o.a. je hartslagzones* in kaart en geeft je ook een bijhorend trainingsadvies.

Algemeen wordt er aangeraden om de test af te leggen als je reeds 2 à 4 maanden je basisconditie hebt opgebouwd en ongeveer 3 à 4 maanden voor je sportief doel/evenement.

 

*Hartslagzones

Recuperatietraining (zone I)
De training gebeurt aan een intensiteit onder de aerobe drempel. Deze training doet u de dag na een wedstrijd, intensieve of weerstandstraining.

Lange duurtraining (zone II)
Deze training gebeurt aan een intensiteit die zich situeert rond de aerobe drempel.

Extensieve duurtraining (zone III)
De intensiteit van deze training situeert zich tussen de intensiteit van een lange duurtraining en een intensieve duurtraining.

Intensieve duurtraining (zone IV)
Deze training gebeurt aan een intensiteit zo kort mogelijk, maar zeker niet voorbij de anaerobe drempel.

Weerstandstraining (zoneV)
Bij dit soort trainingen worden herhaalde maximale inspanningen ( d.i. voorbij de anaerobe drempel) geleverd gedurende een korte tijdsduur.

Verslag bezoek inspanningslab

Tips & tricks

Laat een sportmedisch onderzoek uitvoeren

Bespreek je plannen met je huisarts of sportarts en vraag of een preventief sportmedisch onderzoek nodig is. Je arts kan je ook vertellen of er een risico is en of je best een oefenschema gebruikt. Ook contact met een bewegingsexpert zoals een sportleerkracht, kinesitherapeut, een inspanningsdeskundige in een fitnesscentrum ... kan nuttig zijn.

 

Hou een sportdagboek bij

Noteer in een dagboek (of op je trainingsschema) de resultaten en details van je training: duurtijd, afstand, cijfer van vermoeidheid en pijn op een schaal van 1 tot 10, de weersomstandigheden, je hartslag ... Zo zie je je vooruitgang en dat werkt motiverend. Je dagboek is ook handig voor bv. je arts om de mogelijke oorzaak van problemen te ontdekken.

 

Start rustig

Su-per-belangrijk: begin liever te langzaam dan te snel. Zeker als je lang niet gesport hebt. Het risico op kleine spier- en gewrichtsletsels is tijdens de beginperiode groot. En in je enthousiasme begin je misschien te snel en te intensief, terwijl je de signalen van je lichaam die op een overbelasting wijzen mist. Stop dus zeker wanneer je last ondervindt en raadpleeg je (sport)arts voor je een langdurige blessure oploopt.

 

Oefen als beginner nooit buiten adem

Je hoeft helemaal geen loodzware trainingen te doen om conditie te kweken. Als je in ademnood raakt tijdens het sporten, oefen je aan een hogere intensiteit dan nodig is om je conditie op te bouwen. Zelfs geoefende atleten trainen vooral zonder buiten adem te raken. Een goede maatstaf om het tempo te beoordelen, is wanneer je aan het einde van de oefening voelt dat je nog langer bezig kon blijven.

 

Slaap lang genoeg

Je nachtrust is dé beste herstelperiode. Te weinig slaap maakt je herstelfase na de inspanning alleen maar langer. Vermijd dan ook alles wat je slaap kan storen, zoals koffie of alcohol ‘s avonds. Slecht geslapen? Dan oefen je best de dag erna wat minder.

 

Koorts? Rusten!

Koorts is altijd een reden om te rusten. Na een virale infectie zoals een verkoudheid of griep, kan het ook nog een tijdje duren voor je hersteld bent. Gebruik deze vuistregel: rust na het verdwijnen van je koorts evenveel dagen als het aantal dagen dat je koorts gehad hebt.

 

Vergeet de cooling down niet

Je sportactiviteit abrupt beëindigen is allesbehalve goed. Bouw je inspanning daarom tegen het einde aan langzaam af. Wanneer je een uurtje gaat fietsen, doe je er goed aan de laatste 10 minuten uit te bollen. Ideaal is wanneer je in de douche stapt met het gevoel dat je al volledig uitgerust bent van de inspanning. Ook stretchoefeningen na de afkoeling kunnen nuttig zijn.

 

Zorg voor je materiaal

Een krakende fiets, oude loopschoenen of vuile kledij nodigen niet uit om te trainen. Zorg ervoor dat je materiaal in orde is zodat je in frisgewassen kledij kunt vertrekken. Eenvoudig en degelijk materiaal moet zeker niet duur te zijn. Voorkom alvast dat slecht en onverzorgd materiaal een excuus is om je training te laten vallen.

 

Kies tijdstip en omgeving

Zoek een geschikte omgeving voor je type training. Sommige sporters houden van een ongestoord landelijk parcours voor de stilte en de natuur. Andere mensen houden meer van sociaal contact en trainen op plaatsen waar ze nog andere sporters tegenkomen. Voor lopers is een zachte ondergrond heel belangrijk. Kies ook, als je die luxe hebt, een goed tijdstip. Zwembaden kunnen tijdens de schooluren overlopen van de bezoekers, maar zijn daarbuiten vaak oorden van rust.

 

Meer tips en motivatie nodig?

Volg een volhouder met hetzelfde goede voornemen als jij.