FAQ's en tools Topsport & Studie

Hoe zit het hoger onderwijs in elkaar?

Hoe zit het hoger onderwijs in elkaar?

Bacheloropleiding

Je hebt je bachelordiploma op zak na een opleiding van 180 studiepunten. Dat komt overeen met drie jaar voltijds studeren. Een ‘studiepunt’ is een internationale eenheid die overeenstemt met minimaal 25 en maximaal 30 uren onderwijs- en evaluatieactiviteiten. Een bacheloropleiding sluit rechtstreeks aan bij het secundair onderwijs en kan professioneel of academisch gericht zijn.

 

Professionele bachelor

Kies je voor een opleiding tot professionele bachelor, dan word je rechtstreeks voorbereid op een job en kan je meteen je intrede maken op de arbeidsmarkt. Studeer je liever nog verder, dan kan dat ook. Zo kan je bijvoorbeeld via een schakelprogramma je masterdiploma behalen.

 

Academische bachelor

Een academische bacheloropleiding is, zoals de naam al aangeeft, eerder academisch van aard met een sterke wetenschappelijke component. Hoewel een academische bachelor een volwaardig einddiploma is, kies je voor deze opleiding met de bedoeling je masterdiploma te halen. Je academische bachelordiploma geeft je rechtstreeks toegang tot de masteropleiding die erbij aansluit. In bepaalde gevallen kan je ook overstappen naar een andere (verwante) masteropleiding. Daarvoor volg je eerst nog een voorbereidingsprogramma.

Om toegelaten te worden tot een bacheloropleiding (professioneel of academisch), volstaat je diploma secundair onderwijs. Om toegelaten te worden tot de academische bacheloropleidingen muziek of audiovisuele kunst, beeldende kunst en drama moet je bovendien slagen voor een toelatingsproef. 

 

Masteropleiding

Een masteropleiding is een academische (vervolg)opleiding van ten minste 60 studiepunten die aansluit op een academische bacheloropleiding. Masteropleidingen leggen de nadruk op gevorderde wetenschappelijke of artistieke kennis en competenties die je nodig hebt voor het zelfstandig beoefenen van wetenschap of kunst, of voor het uitoefenen van een beroep. Een master wordt telkens afgesloten met een masterproef.

 

Schakelprogramma

Een schakelprogramma is een programma dat de brug maakt tussen een professionele bachelor en een academische master en heeft een studieomvang tussen de 45 en de 90 studiepunten. Als je slaagt voor dit schakelprogramma, behaal je geen academische bachelor, maar krijg je de toelating om je voor de masteropleiding in te schrijven. Een schakelprogramma is in principe een modeltraject. Afwijkingen van het schakelprogramma (door vrijstellingen bijvoorbeeld) zijn mogelijk: een schakelprogramma wordt dan een persoonlijk deeltraject.

 

Voorbereidingsprogramma 

Een voorbereidingsprogramma  is een programma dat je moet volgen als je een ander academisch bachelordiploma hebt behaald dan het diploma dat toelating geeft tot de masteropleiding die je wil volgen. Je hebt dus geen rechtstreekse toegang tot de masteropleiding maar het voorbereidingsprogramma zorgt ervoor dat je als het ware 'bijgeschoold' wordt zodat je de masteropleiding met dezelfde voorkennis als de rechtstreeks toegelaten academische bachelors kan starten. Wanneer de omvang van het voorbereidingsprogramma niet te groot is kan je dit samen met de masteropleiding volgen. Een voorbereidingsprogramma leidt tot een specifiek getuigschrift, niet tot een academische graad of diploma. De inhoud en de omvang van het voorbereidingsprogramma zijn variabel en worden door de faculteit vastgesteld.

Wat zijn studiepunten/credits?

Een studiepunt staat voor het aantal uren studieactiviteit dat van de student verwacht worden: in de les zitten, groepswerk, studietijd, examens, …. Een vak met veel studiepunten vergt dus meer tijd dan een vak met minder punten. Eén studiepunt staat voor 25 à 30 uren studietijd. Dus voor een vak met 6 studiepunten, wordt verwacht dat je er 150 à 180 uur aan besteedt.

Op de ECTS-fiches van de vakken lees je hoeveel studiepunten dat vak heeft.

Wat is een studieprogramma?

Een studieprogramma is het geheel van opleidingsonderdelen waaruit een opleiding bestaat en waarvoor de student moet slagen in functie van het behalen van het gewenste diploma.

Wat is een geïndividualiseerd studietraject?

Een geïndividualiseerd traject (GIT) is een studietraject waarbij afgeweken wordt van het modeltraject (MOT). Een modeltraject is het standaard programma en geeft aan wat de meest logische volgorde is om de opleiding te doorlopen

Je wenst/moet een GIT volgen omwille van diverse redenen:

  • omdat je in het voorbije academiejaar niet geslaagd was voor bepaalde vakken en je wenst toch al één of meerdere vakken van een hoger modeltrajectjaar op te nemen;
  • omdat je in het voorbije academiejaar reeds een GIT volgde en in dit systeem verder gaat;
  • omdat je vrijstellingen werden toegekend waardoor er ruimte ontstaat om enkele vakken uit het volgende modeltraject op te nemen
  • omdat je ervoor opteert een kleinere studieomvang op te nemen dan deze zoals voorzien binnen het modeltraject (bv. omwille van topsport, functiebeperking, werk, …)
  • omdat je vakken uit een voorbereidingsprogramma wil combineren met vakken uit een master.

 

Wanneer je een opleiding combineert met topsport is het vaak niet haalbaar deze opleiding voltijds te volgen. Je sport uitoefenen op het hoogste niveau vergt veel van je zowel lichamelijk, mentaal als op het gebied van tijdsbesteding (trainingen, wedstrijden, tornooien, stages). Hierdoor heb je logischerwijs minder tijd vrij om naar school te gaan en te studeren. Mogelijks conflicteren ook bepaald lesmomenten met trainingsmomenten. Om deze redenen is het noodzakelijk het studieprogramma nauwgezet af te stemmen op het sportieve programma. Wanneer je te veel studiepunten opneemt, loop je het risico op overbelasting wat niet alleen nefast is voor de studieresultaten maar de daarmee gepaarde stress heeft vaak ook een negatieve invloed op de sportieve prestaties. Het is belangrijk te streven naar een programma waarbij je succesvol kan zijn in sport en studie met de nodige aandacht voor rust en ontspanning.

 

Let wel: In bepaalde hoger onderwijsinstellingen kan je pas een geïndividualiseerd studietraject samenstellen wanneer je recht hebt op een topsportstatuut.

Wat is leerkrediet?

Elke student krijgt bij de inschrijving in het hoger onderwijs in Vlaanderen of Brussel een leerkrediet van 140 studiepunten. Die studiepunten zet je in tijdens jouw studies, maar je kunt ze ook terugverdienen. Het saldo aan studiepunten dat je hebt, is jouw ‘leerkrediet’.

De bedoeling van het leerkrediet is:

  • je te stimuleren om een bewuste studiekeuze te maken
  • de hogeschool of universiteit aan te sporen jouw studievoortgang te bewaken.

Geen of te weinig leerkrediet overhouden, heeft gevolgen. Als je geen leerkrediet meer hebt, heeft de universiteit of hogeschool het recht om je te weigeren of om verhoogd inschrijvingsgeld te vragen.

 

Voorwaarden

Als je je inschrijft met een diplomacontract, dan telt het leerkrediet:

  • wel voor de initiële bachelor- en masteropleidingen. Dit zijn de professionele en academische bachelors, en de masteropleidingen.
  • niet voor de andere opleidingen: schakelprogramma’s, voorbereidingsprogramma’s, bachelor-na-bacheloropleidingen, master-na-masteropleidingen, de specifieke lerarenopleiding.

Als je je inschrijft met een creditcontract, is het leerkrediet van toepassing op alle inschrijvingen (omdat u niet inschrijft voor een opleiding, maar voor losse opleidingsonderdelen).

Als je je inschrijft met een examencontract, hebt u geen leerkrediet nodig.

 

Procedure

Het leerkrediet werkt als volgt:

  • Je krijgt bij de start van uw hogere studies éénmalig 140 studiepunten.
  • Voor elk opleidingsonderdeel waarvoor je je inschrijft, zet je een aantal studiepunten van jouw leerkrediet in.
  • Voor opleidingsonderdelen waarvoor je slaagt, verdien je de ingezette studiepunten terug. Voor opleidingsonderdelen waarvoor je niet slaagt of waarvoor je gedelibereerd wordt, ben je de ingezette studiepunten definitief kwijt.
  • Als je met een diplomacontract ingeschreven bent, krijg je de eerste 60 studiepunten die je terugverdient dubbel terug. Je krijgt dus een bonus van 60 punten.
  • Nadat je een eerste mastergraad behaald hebt, worden 140 studiepunten afgetrokken.

De ‘perfecte student’ houdt zo na zijn bachelorgraad een leerkrediet over van 200 studiepunten: hij heeft

  • alle ingezette studiepunten van het startsaldo van 140 punten terugverdiend
  • bij de eerste 60 verworven studiepunten ook een bonus van 60 studiepunten gekregen.

Daarmee kan hij een andere bacheloropleiding beginnen, of zich inschrijven voor een mastergraad. Als hij ook in de masteropleiding alle ingezette studiepunten terugverdient, houdt hij uiteindelijk een leerkrediet over van (200 - 140 =) 60 studiepunten.

De stand van je leerkrediet kan je raadplegen:

  • via het studentenportaal. Om aan te melden heb je een elektronische identiteitskaart of een federaal token nodig.
  • bij je hogeschool of universiteit. De hogeschool of universiteit kan enkel de stand van uw leerkrediet zien. Zij kunnen geen detailoverzicht bieden van jouw leerkrediet. Daarvoor kan je enkel op het studentenportaal terecht.

Wat is studievoortgang?

Voor elke opleiding kan je je jaarlijks opnieuw inschrijven tot je uiteindelijk alle benodigde credits hebt verworven om je diploma of getuigschrift te behalen. Je hoeft het modeltraject van je opleiding dus niet binnen de standaard vooropgestelde tijd af te leggen. Niettegenstaande die flexibiliteit is het wel de bedoeling dat je je diploma binnen een redelijke termijn behaalt en dat je slaagkansen tijdens je hele studietraject realistisch blijven. Daarom worden er diverse mechanismen ingebouwd om je studievoortgang te bevorderen en te bewaken. Deze mechanismen zijn verschillend per onderwijsinstelling.

 

Vb. Wanneer je na 3 jaren van inschrijving, ongeacht het contracttype en ongeacht eerder opgelegde - al dan niet nagekomen - bindende voorwaarden, voor minder dan 1/3 van de opgenomen studiepunten credits hebt verworven, kan je niet meer inschrijven aan de onderwijsinstelling, ongeacht het contracttype. Dit is ongeacht de opleiding(en) waarvoor je was ingeschreven.

Hoe vind ik de juiste studierichting?

  • Internet: www.onderwijskiezer.be, websites onderwijsinstellingen, …
  • Informatie + trajecten georganiseerd op school
  • CLB
  • SID-in’s en opendeurdagen
  • Brochure “Wat na het secundair onderwijs?”

Houd hierbij steeds rekening met de combineerbaarheid van de gewenste studierichting met topsport:

  • Ga ten rade bij de studietrajectbegeleider van de gewenste opleiding  (opendeurdag of afspraak maken)
  • Wat is je sportief plan? (Sportief programma volgend academiejaar + sportieve doelstellingen voor de komende jaren)
  • Ga ten rade bij andere of ‘ex-’ topsporter/studenten
  • Contacteer carrièrebegeleiding Topsport van Sport Vlaanderen

Wie moet ik zeker contacteren vooraleer de opleiding wordt aangevangen?

1. Studietrajectbegeleider van de gewenste opleiding

  • combinatie van deze opleiding met topsport mogelijk?
  • samenstellen geïndividualiseerd studietraject

2. Contactpersoon Topsport

  • aanvragen topsportstatuut

Wat is een topsportstatuut?

Met een topsportstatuut kom je in aanmerking voor studieflexibiliteiten en/of sportieve en logistieke faciliteiten. Om recht te hebben op een topsportstatuut dien je aan bepaalde sportieve criteria te voldoen. Deze criteria worden bepaald door de hoger onderwijsinstelling.

Het topsportstatuut:

  • Toekenning door de hoger onderwijsinstelling
  • Werking en aanbod verschilt per onderwijsinstelling/associatie
  • Soms 1 categorie, soms verschillende

 

‘Waarde’ van het topsportstatuut nagaan:

  • Gewettigde afwezigheid?   Zo ja, onder welke voorwaarden
  • Examenverplaatsing? Zo ja, onder welke voorwaarden
  • Stageflexibiliteiten? Zo ja, onder welke voorwaarden

 

Waarom is de combinatie topsport en studie zo complex?

Reeds vele jaren wordt er onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van getalenteerde atleten doorheen (en na) hun sportcarrière. Volgens een transitiebenadering maken atleten doorheen hun carrière verschillende transities door die gepaard gaan met specifieke uitdagingen. Van een transitie is sprake indien er “een gebeurtenis plaatsvindt die resulteert in een verandering in aanname van het zelfbeeld en de wereld waarin het individu zich bevindt”. Indien het individu zich niet adequaat aanpast kan het persoonlijke en sociale leven in disbalans raken (Wapner & Craig-Bay, 1992).

Het holistisch atletisch carrière model (HAC model; Wylleman, 2018) beschrijft de transities waarmee atleten geconfronteerd worden tijdens hun sportcarrière op vijf verschillende niveaus: atletisch, psychologisch, psychosociaal, academisch/professioneel en financieel. De overgang van het secundair onderwijs naar het hoger onderwijs wordt als een belangrijke transitie gezien op het academisch/professioneel niveau. Het is aangewezen dat deze transitie naar het hoger onderwijs zo goed mogelijk wordt voorbereid zodat men succesvol kan zijn en blijven binnen zowel topsport als studie.

Welke competenties zijn belangrijk om de combinatie tussen topsport en studie mogelijk te maken?

Om het antwoord te achterhalen werken verschillende partners uit negen Europese lidstaten (België, Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië, Nederland, Polen, Slovenië, Spanje en Zweden) samen in het ‘Gold in Education and Elite Sport’ project (De Brandt et al., 2016). 

 

Het doel van het project is om een netwerk op te bouwen tussen 9400 studerende topsporters uit negen Europese landen en 45 onderzoekers, experts en duale carrièrebegeleiders, zodat belangrijke competenties van onder meer de topsportstudenten in kaart kunnen gebracht worden.

 

Er werden 36 competenties geïdentificeerd die ingedeeld werden in 4 grote groepen: 1) duale carrière management competenties, 2) competenties m.b.t. zelfregulatie en veerkracht, 3) sociale competenties, 4) competenties m.b.t. carrièreplanning (Wylleman, De Brandt, Defruyt, 2017).