Ondanks het feit dat het decreet van 6 juli 2012 vanaf 2016 enkel nog van toepassing is op de randgemeenten en de Vlaamse Gemeenschapscommissie, blijft de sportraad belangrijk voor de participatie van het werkveld.

 

Decretaal  worden volgende voorwaarden gesteld:

 

  • Het gemeentebestuur en de Vlaamse Gemeenschapscommissie beschikken over een sportraad die, op eigen initiatief of op verzoek, autonoom advies geeft aan de overheid, over alle aangelegenheden die de sportraad belangrijk acht in het kader van het sportbeleid.
  • De schepen of het collegelid, bevoegd voor sport, kan als waarnemer de vergaderingen bijwonen.
  • Het lidmaatschap van de sportraad kan niet als voorwaarde voor subsidiëring worden gesteld.
  • Het gemeentebestuur moet aantonen dat ze de sportraad heeft betrokken bij de opmaak van de strategische meerjarenplanning met betrekking tot het beleidsveld sport en dat het om advies heeft gevraagd over de strategische meerjarenplanning met betrekking tot het beleidsveld sport. De sportraad bespreekt ook jaarlijks de door de gemeente opgemaakte jaarrekening met betrekking tot het beleidsveld sport.

De Vlaamse Gemeenschapscommissie moet aantonen dat ze de sportraad heeft betrokken bij de planning met betrekking tot het sportbeleid en dat ze om advies heeft gevraagd over de planningsdocumenten met betrekking tot het Sport voor Allen- beleid in het kader van de Vlaamse beleidsprioriteiten Sport voor Allen. De sportraad bespreekt ook jaarlijks de door de Vlaamse Gemeenschapscommissie opgemaakte rapporteringsdocumenten met betrekking tot het Sport voor Allenbeleid in het kader van de Vlaamse beleidsprioriteiten Sport voor Allen.

  • Het bestuur motiveert bij het nemen van beslissingen eventuele afwijkingen op de uitgebrachte adviezen aan de sportraad.

Vanuit het decreet lokaal sportbeleid worden er geen regels opgelegd omtrent de samenstelling van de sportraad. Die is vrij, maar moet wel beantwoorden aan het gemeentedecreet, dat op alle gemeenten van toepassing blijft:

 

Art.199: De gemeenteraad neemt initiatieven om de betrokkenheid en de inspraak van de burgers of van de doelgroepen te verzekeren bij de beleidsvoorbereiding, bij de uitwerking van de gemeentelijke dienstverlening en bij de evaluatie ervan. 


Art.200: § 1. Onder voorbehoud van de toepassing van de op dit gebied geldende wettelijke en decretale bepalingen, kan alleen de gemeenteraad overgaan tot de organisatie van raden en overlegstructuren die tot opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren. 


§ 2. Ten hoogste twee derde van de leden van de hier bedoelde raden en overlegstructuren is van hetzelfde geslacht. Zoniet kan niet op rechtsgeldige wijze advies worden uitgebracht. 


§ 3. De gemeenteraad stelt de nadere voorwaarden vast voor de representativiteit en regelt de samenstelling, de werkwijze en de procedures van de hier bedoelde raden en overlegstructuren. Daarbij wordt uitdrukkelijk bepaald op welke wijze het gevolg dat aan de adviezen wordt gegeven, zal worden meegedeeld. De gemeenteraad waakt erover dat de nodige middelen ter beschikking worden gesteld voor de vervulling van de adviesopdracht. De verslagen en einddocumenten van de hier bedoelde raden en overlegstructuren worden meegedeeld aan de gemeenteraad. 


§ 4. Gemeenteraadsleden en leden van het college van burgemeester en schepenen kunnen geen stemgerechtigd lid zijn van de hier bedoelde raden en overlegstructuren. 

 

Ook artikels 6 en 7 van het Cultuurpact zijn van toepassing. Die gaan over de deelneming aan de voorbereiding en de uitvoering van het cultuur- en sportbeleid.

 

Het erkenningsbesluit van de sportraad moet raadpleegbaar zijn op de website. Ook de statuten, het huishoudelijk reglement en de samenstelling van het bestuur mogen daar beschikbaar gemaakt worden, maar dat is niet verplicht. 

Achtergrondinformatie

Terug naar boven