Aansprakelijkheid vrije zwemzones
Wie een locatie voor openwaterzwemmen wil opstarten, stelt zich terecht vragen over aansprakelijkheid en juridische verantwoordelijkheid. De regelgeving vertrekt echter vanuit een duidelijk uitgangspunt en principe: zwemmen in een vrije zwemzone gebeurt op eigen risico van de zwemmer, wat betekent dat de zwemmer verantwoordelijk is voor zijn eigen veiligheid. Maar uiteraard moet de initiatiefnemer (gemeente, exploitant, …) zijn wettelijke zorgplichten correct naleven.
Rol van de gemeente en de exploitant
De gemeente screent de locatie via de screening plaatsbepaling en beslist of een locatie kan worden aangeduid als vrije zwemzone. Daarmee wordt beoordeeld of de plek in aanmerking komt op vlak van veiligheid, waterkwaliteit en omgeving. De exploitant voert vervolgens een risicobeoordeling uit en neemt proportionele maatregelen om de vastgestelde risico’s te beperken tot een aanvaardbaar niveau. Het gaat onder meer om opvolging van de waterkwaliteit, het voorzien van een reddingsboei en een infobord met duidelijke informatie voor zwemmers. De exploitant van een vrije zwemzone dient echter niet in te staan voor het organiseren van toezicht. Dit kader is de verplichting van de gemeente en de exploitant in functie van de informatieplicht van de gemeente/exploitant ten opzichte van de individuele zwemmer.
Eigen risico en informatieplicht
Zwemmen in een vrije zwemzone gebeurt zonder toezicht en op eigen verantwoordelijkheid. Dit moet duidelijk worden gecommuniceerd, onder andere via een infobord ter plaatse. Dat infobord vermeldt expliciet dat zwemmen op eigen risico is en geeft basisinformatie over veiligheid, waterkwaliteit en wat te doen in nood. Een kernprincipe is dat de zwemmer bewust en geïnformeerd deelneemt. De zwemmer aanvaardt om te zwemmen op eigen risico, in de omstandigheden en voorwaarden, waarvan hij heeft kennis kunnen nemen. Dit ontslaat de exploitant echter niet van zijn aansprakelijkheid wanneer deze tekortschiet aan zijn informatieverplichting, risicobeoordeling of de algemene zorgvuldigheidsnorm. Deze principes vormen het kader voor de beoordeling van (gedeelde) aansprakelijkheid indien zich een incident of ongeval voordoet.
Juridische aansprakelijkheid
Volgens de algemene regels van het aansprakelijkheidsrecht is iemand enkel aansprakelijk wanneer er sprake is van (1) een fout, (2) schade en (3) een oorzakelijk verband tussen beide. Een ongeval of incident op zich leidt dus niet automatisch tot aansprakelijkheid van de gemeente of de exploitant. Aansprakelijkheid kan enkel ontstaan wanneer de 3 elementen aanwezig en bewezen zijn : fout, schade en oorzakelijk verband tussen beide.
Het principe “zwemmen op eigen risico” sluit aansprakelijkheid van gemeente of exploitant niet a priori uit, maar schept een kader waar de individuele zwemmer geïnformeerd wordt dat ook hij zelf de risico’s mee moet inschatten als hij van de vrije zwemzone gebruik wenst te maken.
Kinderen en groepen
Het concept van zwemmen op eigen risico veronderstelt dat de zwemmer de risico’s kan begrijpen en inschatten. Dat is niet altijd het geval bij kinderen. Daarom geldt dat ouders of begeleiders altijd verantwoordelijk blijven voor de kinderen die zij begeleiden en waarop zij toezicht uitoefenen. Bij georganiseerde activiteiten (bv. jeugdwerking, kampen, clubs) rust de verantwoordelijkheid bij de organisatoren of monitoren. Dit is een onderdeel van de aansprakelijkheidswetgeving waarin voorzien is dat minderjarigen steeds onder de juridische verantwoordelijkheid vallen van ouders of begeleiders onder wiens toezicht de kinderen staan.
Verzekering
De burgerlijke aansprakelijkheid voor de exploitatie van een vrije zwemzone kan worden opgenomen in een klassieke BA exploitatieverzekering. Deze verzekering dekt de kosten van juridische verdediging en eventuele schadevergoedingen indien aansprakelijkheid toch wordt weerhouden.